Pagina's

vrijdag 3 augustus 2012

Peptalk

Misschien moet ik vaker tags toevoegen aan mijn post. Het is iets wat ik altijd vergeet. Zowel hier als op tumblr trouwens. Nee dan is twitter toch handiger. #mededeling en voila je hebt een tag. Ik zou sowieso niet weten wat voor tag ik zou moeten gebruiken hier. Veel leesplezier.

Ik was veel te verlegen om überhaupt nog iemand aan te spreken, dus ik was blij dat ik mijn vriendin had om tegen te praten. Af en toe stelde ze iemand aan me voor en af en toe kletste ik eens met iemand die me aansprak. Het grootste deel van de avond zat ik echter gewoon mensen te kijken. Ik deed het vaker, het was een soort hobby van me. En toen we eindelijk naar huis gingen was ik opgelucht. Er was niets gebeurd, ik was niet verkracht en ik had mezelf niet voor gek gezet. Net alsof dat trouwens daadwerkelijk zou gebeuren. Ik lachte schamper. Waarom dacht ik ook altijd in problemen? Ik zag allemaal ongelukken gebeuren en uiteindelijk gebeurde er natuurlijk niets. 'Vond je het leuk?' ik knikte enthousiast, maar het was een leugen. Oh zeker, ik vond het best leuk om te kijken hoe het nu was, maar je bent en blijft een buitenstaander in zo'n groep en dat was nu precies wat ik niet wilde. 'Laten we zo gaan slapen.' mompelde ik, ik was bekaf.
'Hé, jij zou fietsen.' mopperde mijn vriendin om me te klieren. Ik haalde mijn schouders op. 'Als je er op staat...'

Ik gooide mijn zilveren glitterschoenen op de grond. Het was het moment waarop ik sowieso wilde dat ik door de grond kon zakken. Niet omdat ik me erg beroerd voelde, maar gewoon omdat ik nieuwsgierig was naar hoe dat zou zijn. Logica van likmevestje trouwens. Ik snoof. En zuchtte. 'Alles goed?' 'Soms denk ik dat ik 's nachts slaap en de rest van de wereld gewoon door leeft.' 'Dat doen ze ook, maar niet hier.' 'Vind je het niet egoïstisch van me?' ze haalde haar schouders op. 'Je maakt je druk om niets. Je weet zelf dat het niet waar is. Waarom denk je er dan nog overna?' 'Er zijn wel meer dingen die niet waar zijn waar je overnadenkt.' 'True.' ik haatte dit soort gesprekken vanuit de grond van mijn hart. Waar leidde het immers heen? Het was zoiets als tegen de koude muur aan zitten en dat onprettig vinden, maar te lui zijn om een kussen te pakken om er tussen te doen.

'Ik heb geen doel.' 'Je bedoelt dat je doelloos bent?' ik schudde mijn hoofd. 'Nee, ik heb wel een doel. Maar zo voelt het niet. Het is een soort willoze lusteloosheid.' ik zuchtte. 'Ik wil vanalles doen, bereiken, maar ik kan me er niet meer toe zetten. Dat wat ik nu doe sloopt mij, dat wat ik wil doen wordt me onthouden.' 'Niet gemotiveerd dus.' 'Maar ik wil het graag, want zij willen graag dat ik het doe, ook al zie ik het zelf niet zitten.' 'Ik heb gewoon gelijk... je mist je droom. Ik weet wat je mist.' ik trok mijn wenkbrauw op. 'Sinds wanneer weet jij dat?' ik kreeg een lachende stoot tegen mijn schouder waardoor ik omviel. Weer een blauwe plek erbij, maar deze keer kon het me niet zo veel schelen. 'Vertel, wat heb ik nog niet. Wat mis ik?' 'Een goudvis.' 'Een goudvis?' ze knikte.

The closest way to fly (1)

Wanneer ik mijn haar gedaan heb kijk ik in de spiegel. Ik zie er zo anders uit dan normaal. Ik weet niet of ik de nieuwe 'ik' leuk vind of juist totaal niet, maar op dit moment kan het me niet schelen. Ik moest en zou een nieuw leven beginnen. Niet dat dat kon, maar toch. Het idee stond me aan. Niemand die de fouten kende die je in het verleden gemaakt had. En anderzijds niemand die al die leuke momenten van vroeger met je kon delen, niemand die jouw herinneringen kende en dus ook niemand met wie je ze kon ophalen.
Ik draaide een rondje en plofte neer op mijn bed. 'Hello life.' mompelde ik. Maar het was niet gemeend. Het liefst bleef ik hier binnen, zo lang als het kon en zoveel mogelijk contact vermijdend. Kluizenaar.

Ik draaide rond en rond en rond en rond. En rond en rond en rond. Niet dat het mijn problemen oploste, maar het het was in elk geval iets wat me dichter bij vliegen bracht. In gedachte hoorde ik zinnen uit series die ik gekeken heb. 'Dancing is the closest way to fly.' maar het was niet waar. Voor mij in elk geval niet.  Slapen, dán kwam je dicht bij vliegen. In mijn verbeelding konden we allemaal vliegen, verbeelding kan dingen zo veel mooier maken. En tergelijkertijd de mooiste dingen slopen trouwens.
Ik viel op de grond en knalde met mijn hoofd tegen het bed. Elke poging tot vliegen was gedoemd om te mislukken. The closest way to fly. Op de grond liggen en wachten tot alles om je heen vervaagd is.

De bult op mijn hoofd werkte ik handig weer weg. Niemand zou vragen water gebeurd was want niemand wist dát er iets gebeurd was. Ik keek naar mijn neus. Soms hoopte ik dat er kleine wezentjes op zouden zitten die begonnen te dansen zodra ik naar ze zou kijken. Maar ach, ik hoopte wel meer.
Ik denk dat iedereen zijn eigen manier heeft om te vliegen. Of dat nu dansen is, of berg beklimmen. Iets waar je een adrenalinekick van krijgt, elke keer dat je het doet. Je wilt er meer en meer en meer van. En we zijn er allemaal verslaafd aan. Vrijheid. En we willen allemaal onbewust hetzelfde, vliegen. Op onze eigen manier, want we zijn allemaal uniek. En juist daarom zijn we niet meer uniek. Of toch wel?